Startpagina nl20a  en20a  d20a  f20a  eo20a

Om de juridische kant van het bloot-zijn in het openbaar te kunnen bekijken, is ook het eigendomsrecht relevant. Het gaat hierbij om het volgende wetsartikel:

 

Artikel 903 van het Duitse Burgerlijk Wetboek ('BGB')
Bevoegdheden van de eigenaar

De eigenaar van een goed kan, tenzij de wet of rechten van derden zich hiertegen verzetten, naar eigen goeddunken met het goed handelen en anderen van iedere uitwerking uitsluiten.

 

In principe kan dus een eigenaar geheel vrijelijk bepalen, door wie en eventueel hoe zijn eigendom kan worden gebruikt. De eigenaar kan dus bepalen dat het op zijn terrein niet (of wel) is toegestaan om bloot te lopen. Het recht op vrije beschikking van de eigenaar kan alleen worden beperkt door de algemeen geldige wet of door geldende rechten van derden. Dergelijke wetten zijn bijv. de wetten met betrekking tot het gebruik van het bos, waarmee alle eigenaars van bospercelen verplicht worden, de burgers vrije toegang voor recreatiedoeleinden te verlenen.

Volgens de laatstgenoemde wetten is de eigenaar echter enkel verplicht om aan het publiek vrije toegang te verlenen, maar er wordt niet in bepaald in welke vorm de bezoeker het bos mag gebruiken. De eigenaar behoudt hier dus de vrije keuze om over zijn bos te beschikken en kan bepalen dat er al dan niet naakt in mag worden gewandeld, dat de bezoeker de wegen of paden niet mag verlaten, dat er slechts op aangewezen plekken een kampvuur mag worden gemaakt, dat overnachten absoluut verboden is etc.

De eigenaar kan de handhaving van zijn beschikking(en) aan anderen opdragen, bijv. aan een boswachter of aan ander toezichthoudend personeel, zodat in een particulier bosgebied (met de staat of de deelstaat als eigenaar) en in een gemeentelijk bos (waarvan de gemeente eigenaar is) eventueel ook aan de instructies van deze functionarissen gevolg moet worden gegeven.

Tegen personen die in strijd handelen met de bepalingen van de eigenaar, kan steeds uitsluitend met civielrechtelijke middelen worden opgetreden, dat wil zeggen door ze de toegang tot het perceel te ontzeggen of door eventueel veroorzaakte schade en extra ontstane kosten te laten vergoeden of smartengeld te laten betalen (wanneer personen er geestelijke schade door hebben geleden).

 

Artikel 903 van het Duitse Burgerlijk Wetboek staat echter ook een eigenaar (of een pachter) van een horecabedrijf toe om geheel vrij te bepalen of de bezoekers van zijn zaak gekleed moeten zijn of dat ze bloot in het restaurant of op het terras mogen of moeten zijn. Dit geldt ook voor particuliere huiseigenaren die in hun tuin een feestje houden: of je daarbij bloot mag zijn of gekleed, is enkel en alleen de beslissing van de huiseigenaar.